Familiebanden

In de vorige blog zagen we hoe Tera aan het werk ging in het Zoölogisch Museum en meewerkte aan de inrichting van het Heimansdiorama.

Naast al dat werken is er natuurlijk de familie, en dat is nog wel eens gedoe. De Van Benthem Jutting clan is klein, dat betekent dat iedereen elkaar kent en natuurlijk ook zich met elkaar bemoeit.

Om te beginnen is er vader Wouter (1851-1933), oud Raadsheer aan het gerechtshof in Batavia. Een statige heer, ik stel me hem voor met wandelstok en hoge hoed, en in ieder geval met snor. Wouter heeft sinds de dood van zijn vrouw in 1915 samen met zijn dochter aan het Wilhelminapark in Haarlem gewoond, bijgestaan door een huishoudster. Maar na 1924 is zijn dochter afgestudeerd en zijn zoon getrouwd.

Wouter is bijna vijfenzeventig en besluit zijn intrek te nemen in Rustoord (zie foto hiernaast) aan het chique Westerhoutpark. Hij heeft daar een zitkamer en een slaapkamer. Er is een goed uitgeruste badkamer die hij deelt met andere bewoners. Beneden is een eetkamer die hij met andere bewoners kan delen, alle maaltijden worden verzorgd.

Er zijn muziekavonden en bingoavonden. Rustoord is modern uitgerust met centrale verwarming en een lift, zeer modern voor de jaren twintig. Hij sluit er al gauw vriendschappen.

Dat betekent wel dat Tera ander onderkomen moet vinden. Dat vindt ze bij een hospita, mevrouw van den Broeck aan de Leidse Vaart in Haarlem. Ze gaat daar in pension. Mevrouw van den Broeck zorgt voor haar maaltijden en de bewassing; ze betaalt negentig gulden per maand, inclusief voeding, gas, licht en water. Als ze iemand op bezoek heeft, bijvoorbeeld voor een koffievisite, vraagt de hospita een gulden extra. Dat bezoek mag natuurlijk niet uit heren bestaan.

Dan heb je broer Marius (1888-1945). Zoals we zagen in een eerdere blog is Marius in 1916 getrouwd, en in 1924 wordt zijn derde kind geboren. De neefjes Wout en Chrisje en het nichtje Mien komen regelmatig naar de tuin (zoals Artis genoemd wordt) en worden dan ook door Tera rondgeleid. Zoals in 1923 als ze schrijft: Ans, Vader en Wouter in de tuin, ’t jochie geniet en vindt de olifanten en schildpadden het mooist. ’t Jochie is hier vijf jaar.

In de zomer huurt Marius met vrouw en kinderen en vader en Tera vaak een huis in Domburg, de Zeeuwse banden van de familie zijn nog steeds sterk. In Middelburg runnen neef Jaap (1879-1967) en nicht Mies (1876-1928) de boekhandel. Tera fietst met neef Jaap langs de duinen van Domburg naar West Kapelle, ze gaat met haar neefjes en nichtje schelpen zoeken op het strand. Zoals in 1925: Met Jaap naar ’t ringsteken in Oostkapelle. Leuk kleurig en fleurig gedoe. (..) Mooi over Westhove en Berkenbosch gefietst. Druk met boeren en boerinnen, allemaal in klederdracht. Babbelaars gekocht bij vrouw Rooze.

Dat die Zeeuwse banden sterk zijn blijkt ook uit de toetreding van Tera tot het Zeeuws Genootschap der Wetenschappen in 1927.

Bij het Zeeuws genootschap leert ze Brakman kennen. Cornelis Brakman ( 1879-1955) was Hoofd van de Lagere school in Nieuw en St. Joosland en amateur malacoloog. Hij was tevens conservator van het Zeeuws museum, onderdeel van het Zeeuws genootschap der wetenschappen: ’s middags op bezoek bij Brakman in Nieuwland. Aardige eenvoudige fijne man die honderduit vertelt, en veel te vragen heeft. Zijn vrouw loopt nog in Nieuwlands kostuum. De walvis bekeken die hij een jaar geleden heeft gestrikt (..). Brakman brengt me nog op weg tot Middelburg en daarna fiets ik in een ruk door naar Domburg in 3 kwartier.

In Zeeland woont ook Rika Ghijsen, een goede vriendin van Tera. Hendrika Ghijsen ( 1884-1976) is net geen familie; haar moeder was de zus van Suze Proos, de eerste vrouw van Wouter. Rika heeft Nederlands en geschiedenis gestudeerd en is gepromoveerd op het leven van de op Walcheren geboren Betje Wolff. Later zal Rika geïnteresseerd raken in Zeeuwse dialecten. Ze woont op het familielandgoed in Domburg en blijft tot haar dood goed bevriend met Tera. Rika komen we later zeker nog tegen. 

In de tweede helft van de jaren twintig is er een aantal treurige en minder treurige ontwikkelingen in de familie. We hebben al gezien dat Marius in 1928 naar Indië wordt gestuurd. Het lijkt er op dat hij, vanwege zijn homoseksualiteit, in Nederland in de problemen is gekomen. Om aan vervolging te ontkomen, wat natuurlijk een schande zou zijn, is hij waarschijnlijk uitgeweken naar Indië. Marius komen we later nog tegen.

In 1926 heeft neef Christiaan (1878-1947), oud kapitein op de grote vaart naar Indië, kennis gekregen aan een dame. Christiaan is al 48 en nooit gehuwd geweest, er wordt over gepraat in de familie. Zeker als hij zich gaat verloven en de dame in kwestie een gescheiden vrouw met kind blijkt te zijn. Tera schrijft op 10 oktober Met vader en Pico naar Bussum, om eens wat te vernemen over de nieuwe nicht waarmee Chris verloofd is. Pico is hier nicht Pico Pilaar – van Benthem Jutting. Een huwelijk betekent bovendien dat tante Marie (1857-1947), de jongste zus van vader Wouter, moet verhuizen. Ze woont namelijk bij Christiaan en wordt nu naar een pensionaat voor oude dames gestuurd. Marie heeft sinds haar 24ste voor de kinderen van haar oudste broer gezorgd nadat hun moeder in het kraambed is overleden. Nu is ze 69 en wordt ze afgedankt. Wouter is “not amused” maar kan er weinig aan veranderen. Deze neef Christiaan zal mijn grootvader worden. In mijn boek Twee Levens, Een Liefde lees je meer over zijn geschiedenis.

In Zeeland gebeurt er tenslotte ook van alles. Nicht Mies is vanaf 1924 aan het kwakkelen met haar gezondheid. Neef Jaap zorgt alleen voor de boekhandel terwijl zij in een villa in Domburg verblijft. De familie maakt zich zorgen, er wordt een verpleegster ingehuurd. Mies zelf hoopt te herstellen, en te gaan kuren aan de Côte d’Azur. Af en toe lijkt ze op te krabbelen, maar uiteindelijk sterft ze op 10 april 1928, slechts 51 jaar oud, waarschijnlijk aan tuberculose.

Ruim twee maanden na de begrafenis van Mies trouwt neef Jaap met de jonge verpleegster in kwestie, Ada Went (1900-1996). Ada is dan 27, Jaap ruim 20 jaar ouder. Ze zullen een lang en gelukkig huwelijk hebben.

Op de foto het bruidspaar links, man in het midden is Wouter (vader van Tera) rechts vader van bruid, tante Marie, Neef Chris met vrouw. Verder familie van de bruid en de dame in Zeeuwse klederdracht is de huishoudster,

De boekhandel in Middelburg runnen Jaap en Ada tot aan zijn pensioen, waarna de zaak verkocht wordt. Tot in de jaren ’80 van de vorige eeuw zal boekhandel van Benthem & Jutting een begrip zijn in Zeeland en ver daarbuiten. Ada van Benthem Jutting dochter van Jaap en Ada heeft er een mooi boek over geschreven.

De volgende keer nog meer privézaken van Tera. Die romantische avonturen hebben meer betekenis.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Meer informatie over hoe uw reactiegegevens worden verwerkt.