Het Heimansdiorama

Nu Tera is afgestudeerd wordt ze serieus aan het werk gezet in het museum. Naast het onderhouden van de collectie wordt ze betrokken bij het inrichten van tentoonstellingen.

Eli Heimans (1861-1914) was een Nederlandse onderwijzer en natuurliefhebber. Samen met Jac. P. Thijsse stond hij aan de basis van het natuurhistorisch onderwijs in Nederland. Hij was eveneens met Jac. P. Thijsse de oprichter van het blad “De Levende Natuur” dat kinderen en jongeren wilde inspireren om naar de natuur te kijken. In 1901 was Heimans een van de oprichters van de Nederlandse Natuurhistorische Vereniging. Op excursie in Duitsland in de zomer van 1914 overleed Heimans plotseling op 53 jarige leeftijd. Na deze plotselinge en onverwachte dood werd door o.a. Jac. P. Thijsse en Coenraad Kerbert de Heimans-stichting opgericht met het doel ‘om de studie van de natuur te bevorderen, met name onder de jeugd’.  Het plan was om Heimans droom te verwezenlijken; namelijk het stichten van een ‘Volksmuseum voor natuurlijke historie’ naar Engels voorbeeld van het Natural History Museum in Londen. Door de eerste Wereldoorlog gingen de plannen de koelkast in. Na de oorlog werd bekend dat Artis vergelijkbare plannen had voor de uitbreiding van het Zoölogisch Museum. Bovendien bleek dat de binnengekomen giften niet aan de verwachtingen beantwoordden, waardoor er besloten werd, het beschikbare kapitaal te gebruiken voor de inrichting van een ‘Heimans-diorama’ in het Zoölogisch Museum in het Aquariumgebouw van Artis.

Paul Steenhuizen, preparateur bij Artis krijgt in 1923 de opdracht tot het bouwen van het diorama.  Ook Tera wordt ingezet om het diorama vorm te geven: Op 3 februari 1924 schrijft Tera: Met Ada in ’t duin gekuierd om wilgetakjes op te meten voor de aanplant in het diorama. Het gehele diorama moet op de juiste schaal worden nagebouwd en wordt met wetenschappelijke precisie ingericht. Zowel geologen als ornithologen en entomologen, maar ook botanici houden zich bezig met de inrichting.  Op 16 juni 1924 staat in Tera’s dagboek: Baasje met Steenhuizen en Jansen clandestien in het Zwanenwater en vandaar naar Texel, om duinlandschappen te zien voor het diorama. Treffen fijn weer. Genoemde Jansen is de schilder Willem Jansen (1871-1949) die het achterdoek van het diorama van 28 meter breed en 9 meter hoog zal schilderen. Het Texels duinlandschap wordt als voorbeeld voor het diorama gebruikt. Jacob Heimans,  de zoon van Eli, merkt daar nog over op dat zijn vader nooit op Texel is geweest.

In 1926 zal de Natuur Historische Vereniging 25 jaar bestaan en aangezien Heimans één van de oprichters was wordt besloten om de grote Biologie Tentoonstelling te koppelen aan de opening van het Heimansdiorama. Daar gaat ruim een jaar voorbereiding aan vooraf: Van der Sleen komt met Beaufort en Kerbert de tentoonstelling verder bespreken. Sleen wil mij secretaris van de algemene commissie hebben. Ik vind ’t maar half, alleen zal ik er massa’s van kunnen leren. Bovendien moet Baasje het onvoorwaardelijk goed vinden.

In de kranten van mei 1926 wordt de opening van de tentoonstelling en het Heimans-diorama breed uitgemeten. Daar is Tera maar druk mee; zo schrijft ze op 21 mei 1926: Er komen nog telkens persfotografen om het diorama te kieken. Engel geleidt de verslaggever van de Maasbode. A.B. Wigman is op de tentoonstelling en wil ook het diorama zien. De inrichting van de tentoonstelling geeft een boel drukte. ’s Middags moet ik gekiekt voor de Telegraaf. Helaas heb ik die foto niet kunnen vinden.

Van Burkom, voorzitter van de Natuur Historische Vereniging opent op 22 mei de tentoonstelling en het diorama. In zijn openingsspeech, die integraal in het Algemeen Handelsblad werd afgedrukt, wordt Tera expliciet geroemd:  Amsterdam, de bakermat der vereniging, was vanzelf aangewezen als plaats voor deze tentoonstelling en het bestuur van het genootschap „Natura Artis Magistra” en in het bijzonder den  directeur, dr. Kerbert, bracht spreker dank voor de geschonken gelegenheid om haar te houden. Grote steun werd hierbij ondervonden van mej. Van Benthem Jutting, die in vele gevallen de schakel was tussen de vereniging en „Artis”.

Op 30 mei komt bovendien de koninklijke familie het diorama en de tentoonstelling bewonderen: Om 12 uur naar Amsterdam voor bezoek van de koningin aan het museum. Nella en Hans (kinderen van de Beaufort) geven bloemen en dan wandelt Baasje met de majesteit naar het diorama. Daar blijft ze heel lang en praat veel met Steenhuizen en Jansen.

Ze drinkt er thee en Juliana zit met Nella te praten. Het gevolg zit gedeeltelijk in het aquarium. Laman Trip die gisteren ook met de prins meekwam herkent mij en komt vriendelijk goedendag zeggen. De burgemeester herkent mij zelfs, erg knap! In het museum op de terugweg worden Engel en ikke aan H.M. voorgesteld. Zij vraagt waar we gestudeerd hebben en of we wel eens beesten moesten opzetten en of we veel excursies maakten of reisden. Daarna nog in het aquarium gewandeld met prinses en Nella. En toen de koninklijke familie verdwenen was, gezellig zitten thee drinken met bestuur van Artis en van de Heimansstichting.

Prinses Juliana (1909-2004) en Nella de Beaufort (1908-1999) zijn vrijwel even oud en allebei een kleine tien jaar jonger dan Tera. Ze kunnen het goed met elkaar vinden die dag in het museum. Later zal Nella trouwen met baron van Boetzelaar en na de oorlog zal ze hofdame worden op paleis Soestdijk maar dat is op de zaken vooruitlopen. Vooralsnog zijn het twee bakvissen van 17.

Het Heimansdiorama  was te vinden in het aquariumgebouw van Artis. Dit is sinds begin 2021 gesloten voor verbouwing. Het is op dit moment onduidelijk of het Heimansdiorama in zijn oorspronkelijke vorm terug zal komen.

De volgende keer zeggen we het museum en het schelpengedoe even vaarwel en komt er wat familiegedoe voor in de plaats.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Meer informatie over hoe uw reactiegegevens worden verwerkt.